Je kent het vast: die twijfel. Zet je je geld veilig op de bank, of ga je beleggen voor mogelijk meer rendement? Sparen voelt veilig en geeft zekerheid. Beleggen klinkt spannender, maar kan op de lange termijn een stuk meer opleveren.
Wat slim is? Dat hangt af van jouw situatie, doelen en hoe jij tegen risico aankijkt.
Begin met een spaarbuffer (altijd!)
Voordat je überhaupt gaat beleggen, zorg eerst dat je een goede buffer hebt. Want als je wasmachine stuk gaat of je auto onverwacht naar de garage moet, wil je niet je beleggingen moeten verkopen op een moment dat de beurs toevallig lager ligt.
Dat is namelijk precies één van de risico’s van beleggen: de waarde kan schommelen. Soms staat je portefeuille hoger, soms lager. En als je geld direct nodig hebt terwijl de markt laag staat, dan loop je het risico dat je verlies moet nemen.
Zelf houden wij een noodbuffer aan van €10.000 tot €15.000. Onder de €10.000 willen we niet komen. Dat geeft rust. Hoeveel jij nodig hebt, hangt af van je vaste lasten, gezinssituatie en woonsituatie. Bij het Nibud kun je met de bufferberekenaar een handig bedrag laten uitrekenen dat past bij jouw situatie.
En nog een tip: zet dat spaargeld niet zomaar bij de eerste de beste bank op een rekening waar je bijna geen rente krijgt. Kies voor een spaarrekening met een hogere rente, bijvoorbeeld bij Bunq of Raisin. Bij Raisin krijg je de meeste rente, je kunt kiezen uit een normale spaarrekening of een deposito rekening. En bij Bunq krijg je je rente wekelijks uitbetaald en dat motiveert mij om steeds meer naar mijn spaarrekening over te maken. Je doet er niks extra’s voor en toch groeit je buffer nét iets sneller.
Lees hier: Waar krijg je de hoogste spaarrente? (Update 2026)
Beleggen: meer rendement, maar ook meer risico
Als je buffer staat, kun je gaan nadenken over beleggen. Maar beleg alleen met geld dat je voor een langere termijn kunt missen.
Beleggen levert historisch gezien vaak een hoger rendement op dan sparen. Zeker op de lange termijn. Maar daar staat tegenover dat beleggen risicovoller is. De beurs beweegt soms flink.
Het verschil tussen sparen en beleggen zit dus vooral in:
- Sparen → lage opbrengst, maar veel zekerheid
- Beleggen → kans op meer rendement, maar je loopt meer risico.
Dat betekent ook dat je geld tijdelijk minder waard kan zijn. Op korte termijn kan zelfs zijn dat beleggen minder oplevert dan sparen. Daarom is tijd zo belangrijk. Hoe langer je belegt, hoe groter de kans dat schommelingen worden opgevangen.
Wil je rustig aan beginnen met beleggen, dan zijn ETF’s een goede keuze. ETF’s (Exchange Traded Funds) kun je vergelijken met een mandje vol aandelen en zo spreid je automatisch je risico. Wil je weten hoe dat precies werkt? Doe dan zeker eens de cursus WTF is een ETF van Veronique. Zij legt het haarfijn en lekker simpel uit.
Ben je iets avontuurlijker ingesteld? Dan kun je ook kiezen voor losse aandelen. Zelf beleg ik bijvoorbeeld in hoog dividend aandelen. Dat zijn bedrijven die een deel van hun winst jaarlijks aan je uitkeren. Zo krijg je niet alleen kans op waardestijging, maar ook een lekker extraatje in de vorm van dividend.

Verdeel slim: de combinatie tussen beleggen en sparen werkt vaak het best
Het hoeft geen keuze te zijn tussen beleggen of sparen. De beste strategie is voor veel mensen juist een combinatie.
Zie het zo:
- Sparen = stabiliteit en rust
- Beleggen = groei en potentieel hoger rendement
Door je geld tactisch te verdelen, spreid je je risico’s. Je kunt bijvoorbeeld:
- Een vaste buffer aanhouden op je spaarrekening
- Maandelijks een bedrag beleggen
- Extra geld tijdelijk parkeren als je weet dat je het binnenkort nodig hebt
Zo voorkom je dat je alles in één keer inzet. Je verdeelt je geld over verschillende doelen en termijnen.
Er zijn bijvoorbeeld brokers waar je zowel kunt beleggen als sparen. Bijvoorbeeld bij Scalable Capital. Je kunt hier een gedeelte beleggen en over je niet-belegde vermogen krijg je (spaar)rente. Ideaal!
